
Wet op belastingen van rechtsverkeer
Artikel 10
De waarde van aandelen en rechten, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, is gelijk aan de waarde van de goederen als bedoeld in artikel 2, welke door die aandelen of rechten middellijk of onmiddellijk worden vertegenwoordigd, met dien verstande dat de waarde van de goederen, bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdeel y, buiten beschouwing blijft.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
-
LJN AE8442, Eerste aanleg - meervoudig, 01/3644
Rechtsoort
Belasting
Datum uitspraak
03-10-2002
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Gerechtshof AmsterdamBeroep op vrijstelling van kapitaalsbelasting verworpen, reeds omdat niet was voldaan aan de voorwaarde van artikel 10 Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer. Belanghebbende had in de aangifte geen beroep op een vrijstelling gedaan en evenmin de daarvoor van belang zijnde gegevens vermeld. -
LJN AO6358, Cassatie, 39230
Rechtsoort
Belasting
Datum uitspraak
26-11-2004
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Cassatie
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Hoge Raad- Artikel 37, lid 1, letter a juncto artikel 37, lid 2, letters b of c van de Wet op belastingen van rechtsverkeer. - De termijn van artikel 10, letter b, van het Uitvoeringsbesluit Wet op belastingen van rechtsverkeer. - Inbreng van het gehele vermogen? -
LJN AZ1666, Eerste aanleg - meervoudig, BK-02/04500
Rechtsoort
Belasting
Datum uitspraak
29-08-2006
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Gerechtshof 's-GravenhageBelastingen van rechtsverkeer; kapitaalsbelasting (2000). Geen sprake van inbreng van een zelfstandig onderdeel van een onderneming als bedoeld in artikel 37, tweede lid, onderdeel b van de Wet. Ook geen sprake van inbreng van een tak van bedrijvigheid als bedoeld in artikel 7 van de Richtlijn; geen schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur...